Nieuwsbrief 5 - DGA en de pensioenwet

| Meer

De directeur grootaandeelhouder (DGA) en de pensioenwet.

Pensioenrechten DGA vallen niet onder de beschermende werking van de Pensioenwet

Over de positie van de directeur grootaandeelhouder in de Pensioen en Spaarfondsenwet (PSW) is jarenlang gediscussieerd. Deze discussie is met het van kracht worden van de nieuwe Pensioenwet beslecht: Een directeur grootaandeelhouder (werknemer, direct of indirect houder van 10% of meer van het geplaatste aandelenkapitaal van de vennootschap) valt niet onder de werking van de Pensioenwet. Op dit punt is sprake van een trendbreuk met de huidige PSW.

Overgangsrecht
De hiervoor genoemde trendbreuk geeft een extra dimensie aan het éénjarig overgangsrecht dat op het DGA-pensioen van toepassing is. Indien de vennootschap de DGA voor 1 januari 2007 een pensioen heeft toegezegd, kan de DGA er tot 31 december van dit jaar voor kiezen om hierop de PSW van toepassing te laten zijn. Op een per 31 december 2006 bestaande verzekerde toezegging wordt op grond van het overgangsrecht vanaf 1 januari 2008 de Pensioenwet van toepassing verklaard. Voor toezeggingen in eigen beheer ligt dit anders: Per 31 december 2006 bestaande toezeggingen in eigen beheer kunnen nog tot 1 januari 2008 in een PSW-pensioenpolis worden afgestort en daarmee per 1-1-2008 onder de werking van de Pensioenwet komen. Houdt men de toezegging in eigen beheer dan valt deze buiten de beschermende werking van de Wet. Dit laatste geldt sowieso voor alle toezeggingen na 1-1-2007, ondergebracht bij een verzekeraar dan wel in eigen beheer.

Gevolgen
Het niet vallen onder de beschermende werking van de wet kan vervelende gevolgen hebben. Dat de Pensioenwet niet van toepassing is zou namelijk de vraag kunnen oproepen of het pensioen van de DGA in geval van faillissement wel voldoende is veiliggesteld. Het niet van toepassing zijn van de Pensioenwet zorgt er zeker niet voor dat de regeling dan zo maar uitgewonnen kan worden. Het betreft een oudedagsvoorziening waarop de algemene regels van de Faillissementswet van toepassing zijn. Deze bepalen dat niet tot afkoop overgegaan mag worden indien dit tot een onredelijke benadeling van de DGA leidt. Wil een DGA op dit punt echter geen enkel risico lopen dan is één van de mogelijkheden de pensioenrechten, toegezegd voor 1 januari 2007, (alsnog) bij een verzekeraar onder te brengen. Ze vallen dan onder de 'harde' beschermende werking van de Pensioenwet. Let op, bij deze optie is het nadien niet meer mogelijk om extern verzekerde rechten tussentijds of op de pensioendatum naar de eigen BV terug te halen. In de afweging, de toezegging wel of niet onder de beschermende werking te laten vallen, dient een DGA hiermee rekening te houden. Zo is het ook van belang te weten, dat bij het niet onder de werking van de pensioenwet brengen van de regeling, het niet langer verplicht is zogenaamde backservice rechten af te financieren. Ook dit gegeven kan de keus beïnvloeden.

Fiscaal vriendelijk een pensioen opbouwen
Overigens blijft bij een pensioentoezegging de omkeerregel gewoon van toepassing. De omkeerregel houdt in dat pensioenaanspraken, vallend binnen een wettelijk kader, onbelast zijn en de pensioenpremies aftrekbaar. In fiscale zin verandert er dus niets.

Conclusie
Ook na de inwerkingtreding van de Pensioenwet kan een DGA dus nog steeds fiscaal gefacilieerd een oudedagsvoorziening opbouwen. Dat deze niet meer onder de beschermende werking van de Pensioenwet valt zal, zo is onze verwachting, in de praktijk weinig gevolgen hebben.

Schema