Meer uitleg over banksparen en de verhoging van assurantiebelasting
De Eerste Kamer is op 11 december akkoord gegaan met het wetsvoorstel Banksparen. Vanaf begin dit jaar kunnen banken lijfrentespaarrekeningen aanbieden. Daarnaast kunnen zij een spaarrekening eigen woning (SEW) gaan voeren. Ter financiering wordt de assurantiebelasting verhoogd.Vanaf 1 januari 2008 kunnen banken lijfrentespaarrekeningen en beleggingsinstellingen lijfrentebeleggingsrechten aanbieden.
Daarnaast kunnen banken ook de spaarrekening eigen woning (SEW) gaan voeren. Bij een beleggingsinstelling wordt dat een beleggingsrecht eigen woning (BEW).
Bancaire lijfrente De lijfrentespaarrekeningen kunnen zowel in de opbouwfase als in de uitkeringsfase worden aangeboden. Alle fiscale regels voor lijfrenteverzekeringen, gaan ook gelden voor de lijfrentespaarrekening.
De banken kunnen ook aansprakelijk worden gesteld bij afkoop van een dergelijke bankrekening. Verder moeten ze loonbelasting, premieheffing en de inkomensafhankelijke bijdrage voor de zorgverzekering inhouden en renseigneren aan de Belastingdienst.
Als uitzondering hierop mag het tegoed van een lijfrentespaarrekening en de waarde van een lijfrentebeleggingsrecht in één termijn worden uitgekeerd, als het bedrag lager is dan ongeveer € 400 per jaar. In dat geval zijn de bank en de beleggingsinstelling niet aansprakelijk voor de belasting en de revisierente.
Er is wel de verplichting tot opgaaf aan de Belastingdienst. Voor de lijfrenteverzekeringen geldt dit nog niet.
Geen overgangsrecht
De toegestane bancaire lijfrentevormen zijn zoveel mogelijk gelijk aan de verzekeringsvarianten, die toegestaan zijn op basis van de Wet inkomstenbelasting 2001. Dat zijn de levenslange en tijdelijke oudedagslijfrente en de nabestaandenlijfrente. Een bank kan geen pre-Brede Herwaarderingslijfrente aanbieden.
Verlaging maximum lijfrentepremie-aftrek Om te financieren dat er meer aanbieders van lijfrenteproducten komen, gaat de inkomensgrondslag voor de berekening van de maximaal aftrekbare lijfrentepremie omlaag van bijna € 162.000 naar ongeveer € 114.000. Dit betekent een verlaging van de maximaal aftrekbare lijfrentepremie van ongeveer € 25.000 naar circa € 17.500.
Motie Op de dag van stemming is in de Eerste Kamer nog een motie ingediend, waarin aan de regering wordt gevraagd de mogelijkheden te onderzoeken om de verlaging van de inkomensgrondslag te herstellen op het oude niveau en naar een andere dekking te zoeken. Deze motie is op 18 december aangenomen. Staatssecretaris van Financiën De Jager gaat nu onderzoeken of er andere mogelijkheden zijn om de dekking te financieren.
Spaarrekening eigen woning Ook een bank kan nu een product aan gaan bieden ter aflossing van de eigenwoning-schuld: de spaarrekening eigen woning (SEW). Daarnaast kan een belegginginstelling een beleggingsrecht eigen woning (BEW) gaan aanbieden. De regels die hiervoor gelden bij een verzekeraar worden ook bij de banken en de beleggingsinstellingen van toepassing. Ook de bandbreedte-eis van 1:10 geldt hierbij. Er is een uitzondering gemaakt als een bestaande spaarrekening wordt aangemerkt als een SEW. Alleen in die situatie geldt het op het moment van omzetting aanwezige tegoed als eerste inleg.
Financiering wetsvoorstel: verhoging assurantiebelasting
Om de introductie van de SEW te kunnen financieren, is er budgettaire dekking gevonden in de verhoging van de assurantiebelasting met een half procent tot 7,5%. Nu het voorstel pas in december in de Eerste Kamer is behandeld, is de wettekst zodanig aangepast dat deze verhoging op 1 maart 2008 in werking treedt. De Eerste Kamer is hiermee akkoord gegaan.
Deze nieuwe wetgeving heeft grote gevolgen voor levensverzekeraars. Zij zijn vanaf nu niet meer de enige aanbieders van lijfrenteproducten en kapitaalverzekeringen voor de aflossing van een (hypothecaire) geldlening.
Meer informatie